Het nieuwe Vlaamse Legionellabesluit van 22 november 2002
Erik Smet (Milieutechnologie, 2003)
Situering
De veteranenziekte of Legionellose is een ernstige aandoening waaraan, zonder intensieve behandeling in een ziekenhuis, tot een kwart van de patiënten overlijdt. Veroorzaker van deze ziekte is de Legionellabacterie, die zich ontwikkelt in water bij temperaturen tussen de 25°C en 55°C. Besmetting treedt op door inademing van besmette fijne waterdruppeltjes (aërosolen). De ziekte komt vrij frequent voor, zowel in ons land als in het buitenland. In Vlaanderen wordt het aantal gevallen van Legionellose op jaarbasis geschat op ± 1 op 100.000 mensen. De gevallen met dodelijke afloop in Kapellen en Bovenkarspel (Nl) liggen nog vers in het geheugen.
Voor wie is het Legionellabesluit van toepassing?
‘Het besluit van de Vlaamse regering van 22 november 2002 betreffende de primaire preventie van de veteranenziekte in voor publiek toegankelijke plaatsen’ (publicatiedatum Belgisch Staatsblad: 31/12/2002) dient nageleefd te worden door de exploitant van een publiek toegankelijke plaats waar aërosolvorming mogelijk is en besmettingsgevaar bestaat voor meer dan 10 personen. Aërosolvorming wordt vastgesteld in douches, whirlpools, luchtbevochtigingsinstallaties, fonteinen,... Dit betekent dat ondermeer ziekenhuizen, bejaardentehuizen, tentoonstellingsruimten, winkels, restaurants, hotels, sportcentra en openluchtrecreatieve verblijven onder de toepassing van de reglementering vallen. De term ‘publiek toegankelijke plaatsen ‘ is echter ruim gedefinieerd, waardoor de wet bijvoorbeeld ook van toepassing is voor de exploitant van een installatie (vb. koeltoren) die aërosolverspreiding naar een publiek toegankelijke plaats (vb. straat) veroorzaakt. Het is echter niet de bedoeling om ook voor privéwoningen maatregelen op te leggen. Waterdistributiesystemen waarop enkel wastafels, toiletten en waterbakken zijn aangesloten, vallen ook niet onder de toepassing van het Legionellabesluit.
De uitbater van activiteiten waarop het Legionellabesluit wel van toepassing is, dient binnen het jaar hiervan melding te doen bij de burgemeester. Het Legionellabesluit legt hem tevens op om binnen de 10 jaar een aantal structurele maatregelen uit te voeren en daarnaast binnen de 12 maanden een beheersplan op te stellen.
Te nemen structurele maatregelen in waterverdeelsystemen
Het Legionellabesluit legt de nadruk op het uitvoeren van structurele maatregelen. Er wordt een overgangstermijn van 10 jaar voorzien voor implementatie van deze structurele maatregelen, wat betekent dat alle installaties tegen 10 januari 2013 aan volgende voorwaarden moeten voldoen:
De temperatuur in koudwatervoorzieningen moet steeds lager zijn dan 25°C.
In elk leidingonderdeel moet doorstroming mogelijk zijn.
De productie van het warm water moet zo gebeuren dat er in het warmwaterproductietoestel nergens zones voorkomen die niet minstens eenmaal per etmaal op 60°C worden gebracht.
De temperatuur van het water bij vertrek in de verdeelleiding van het warmwaterproductietoestel moet minstens 60°C bedragen. In geval het warm water op temperatuur wordt gehouden via een circulatiesysteem, dient de temperatuur op het einde van de terugvoerleidingen minstens 55°C te bedragen. In warmwaterleidingen die op een andere manier op temperatuur worden gehouden, mag de temperatuur in geen enkel punt lager zijn dan 55°C.
De lengte van waterleidingen die niet voldoen aan deze voorwaarden (vb. mengkaan en mengwaterleiding) mag maximaal 5 meter bedragen, terwijl de waterinhoud van deze leidingen maximaal drie liter mag zijn. Ziekenhuizen krijgen het advies de waterinhoud van dergelijke leidingen zelfs te beperken tot één liter.
Op kritische punten (vb. op begin en einde van warmwatercircuit en risicoplaatsen van koudwatercircuit) dient de temperatuur permanent afleesbaar te zijn en dienen aftapkranen geplaatst te worden om stalen te kunnen nemen.
Installateurs moeten na de installatie van nieuwe of na de aanpassing van bestaande watervoorzieningen een conformiteitsattest uit te reiken.
Beheersplan
De exploitant van bestaande installaties dient tegen 10 januari 2004 een beheersplan op te stellen voor alle aanwezige watervoorzieningen waar verneveling mogelijk is. Voor nieuwe installaties moet het beheersplan vóór de eerste ingebruikname opgesteld worden. Dit beheersplan dient minstens om de 5 jaar en ook bij elke relevante wijziging in de installatie geëvalueerd en bijgestuurd te worden. Het beheersplan omvat een vijftal onderdelen:
1) De admininistratieve gegevens
Dit omvat een reeks gegevens die ondermeer aangeven wie verantwoordelijk is voor de installatie, wie het beheersplan heeft opgesteld en wie de maatregelen opvolgt.
2) De technische beschrijving van de voorziening
De technische beschrijving van de voorziening dient zo gedetailleerd mogelijk te zijn en omvat ondermeer bouwtekeningen van de werkelijke situatie, een lijst met gebruikte materialen, aanwezige waterbehandelingen, omgevingstemperaturen, ... Deze beschrijving is de basis voor de uit te voeren risico-analyse.
3) De risico-analyse
In de risico-analyse dienen de punten en zones binnen de watervoorziening aangeduid te worden met een risico op Legionellagroei enerzijds, en gevaarlijke aërosolvorming anderzijds. Hierbij dienen ook stalen genomen te worden voor Legionella-analyse.
4) De preventiemaatregelen
Voor die procesonderdelen waar risico op Legionellagroei aanwezig is, dienen saneringsmaatregelen bepaald te worden. Deze kunnen bestaan uit structurele aanpassingen enerzijds (vb. wegnemen doodlopende vertakkingen, verbeterde thermische isolatie, ...) en beheersmaatregelen anderzijds. Binnen de beheersmaatregelen wordt onderscheid gemaakt tussen:
controlemaatregelen die toelaten te controleren of de voorziening in veilige omstandigheden blijft werken (vb. plaatsen van thermometers en verplichte wekelijkse aflezing van temperatuur)
voorkomingsmaatregelen die vermijden dat bepaalde werkingsvoorwaarden leiden tot een risicosituatie (vb. regelmatig doorspoelen van weinig of niet-gebruikte leidingen)
correctieve maatregelen die aangeven wat er dient te gebeuren als er een onaanvaardbaar Legionellarisico zou ontstaan (vb. procedure voor uitvoeren van hitteshock)
5) Het register
De uitbater dient tevens een register bij te houden waarin chronologisch alle acties worden aangegeven die op de voorziening uitgevoerd werden en door wie. Via het register krijgt de toezichtshoudende ambtenaar dus een overzicht van enerzijds de mate waarin de preventiemaatregelen werden uitgevoerd en anderzijds van alle andere niet in het beheersplan opgenomen acties.
Toezicht
Het overheidstoezicht op de naleving van de bepalingen van het besluit wordt toegewezen aan de burgemeesters. Zij gaan na of de vereiste meldingen gebeuren, of beheersplannen opgesteld werden en of de vereiste registraties gebeuren. De ambtenaren van de Gezondheidsinspectie van de administratieve Gezondheidszorg van de Vlaamse Gemeenschap oefenen het tweedelijnstoezicht uit in de gemeenten van het Vlaamse Gewest. Installaties in het tweetalige gebied Brussel-hoofdstad en die wegens hun organisatie uitsluitend behoren tot de Vlaamse Gemeenschap vallen onder het rechtstreekse toezicht van de ambtenaren van de Vlaamse Gemeenschap.
|
Op donderdag 3 april 2003 organiseert Trevi N.V. in Zwijnaarde een studiedag waarop alle aspecten over dit nieuwe Legionellabesluit ter sprake komen. |
||